Berlijn! Berlin! € 21,50
Berlijn! Berlin!

Hans Olink: Berlijn, Berlin. In het spoor van de geschiedenis In Berlijn dringt de geschiedenis zich aan je op. Dat is niet zo gek, want het is de hoofdstad van maar liefst zes verschillende staten: het koninkrijk Pruisen, het Duitse Keizerrijk, de Republiek van Weimar, het Derde Rijk, de DDR en nu de republiek Duitsland. Dat drukt een stempel op een stad. Dat maakt Berlijn zo aantrekkelijk. In dertig verhalen volgt Hans Olink het grillige spoor van de geschiedenis. Verhalen uit verschillende steden, die alle Berlijn heten. Verhalen over het legendarische Café des Westens, het Romanische Café, de schrijvers Herman Heijermans, Paul van Ostaijen, Joseph Roth, Franz Kafka, Vladimir Nabokov en Cees Nooteboom, de beeldend kunstenaars Paul Citroen en Armando, de componist Hanns Eisler, de regisseur Bertolt Brecht, maar ook de revolutionairen Karl Liebknecht en Rosa Luxemburg, en Keizer Wilhelm II en de terrorist Josef Schaap. Hans Olink, die in de Duitse hoofdstad woonde en er nog vaak is, volgt hun spoor, zoekt wat hun erfenis is, en vraagt zich af welke rol ze nu nog spelen in Berlijn. Evenals in de jaren twintig van de vorige eeuw trekken kunstenaars naar de hoofdstad, om op de puinhopen van de Muur een nieuw leven vorm te geven. En niet alleen kunstenaars. Wie verlangt er eigenlijk niet naar Berlijn? De gids Hans Olink maakt het verblijf verrassend, verrijkend, spannend en ontspannend en wijkt positief af van de altijd dezelfde toeristische verhalen. Hans Olink verdiept zich al heel lang in de geschiedenis van de twintigste eeuw. Voor de radio in het VPRO-programma OVT, en in tal van boeken, zoals: Een Siberische Tragedie, Nico Rost. De man die van Duitsland hield en Dronken van het leven, een biografie over de schrijver en zwerver A. den Doolaard. Een Siberische Tragedie werd genomineerd voor de M.J. Brusse-prijs. De jury omschreef het als een 'schitterend en ontroerend boek' met een 'perfecte compositie'. Over Dronken van het leven schreef NRC Handelsblad: 'Een met vaart geschreven biografie...onthullend', Leeuwarder Courant: 'leest als een jongensboek', en Historisch Nieuwsblad: 'de biografie van Olink voegt zich in de traditie van de Vertellers'.

Onder het melkwoud € 16,50
Onder het melkwoud

Dylan Thomas schreef Under Milk Wood oorspronkelijk voor de Britse radio. Op 19 oktober 1953 leverde hij de definitieve versie van het hoorspel in. Diezelfde dag vloog hij naar New York. Drie weken later stierf hij daar - 39 jaar oud - in St Vincent's hospital.In 1957 speelde De Nederlandse Comedie het stuk in een vertaling van Hugo Claus. Met onder anderen Han Bentz van den Berg, André van den Heuvel, Ramses Shaffy, Riek Schagen en Mimi Boesnach.Die vertaling van Hugo Claus was net zo'n sensatie als het stuk zelf. Claus was 27 jaar toen hij het hoorspel vertaalde. De recensenten waren vol lof. De vertaling werd eensgezind 'meer dan meesterlijk' genoemd.Sinds die tijd heeft niemand serieus geprobeerd het 'waagstuk van de vertaling' - de typering is van Claus zelf - te evenaren, laat staan te verbeteren. Maar nu heeft Cornelis W. Schoneveld die handschoen opgenomen.In zijn vertaling beklemtoont Schoneveld de kracht van dit stemmenspel die volgens hem schuilt in de manier waarop Thomas de universele menselijke gedragingen, gedachten en verlangens buiten de beperkingen van plaats of tijd benadert en verwoordt.

Dylan Thomas € 16,95
Dylan Thomas

Deze verzameling Dylan Thomas-verhalen is een keuze uit het in 2000 verschenen Alle verhalen , dat een integrale vertaling is van Collected Stories, uit 1984. In de vroege verhalen, geschreven in de tijd dat Dylan Thomas (1914-1953) evenveel waardering oogstte voor zijn verhalen als voor zijn gedichten, herkennen we misschien toch vooral de dichter - in de obsessieve verbeeldingskracht, het koortsachtige ritme en de donkere binnenwereld. Later wordt zijn schrijfstijl directer en toegankelijker; hij schrijft over zijn jeugd in Wales als 'een persoonlijke zwerftocht langs mensen en plaatsen'. De verhalen die dat opleverde zijn volstrekt herkenbaar voor ieder die een jeugd heeft gehad, op zolder bij zijn grootouders heeft gelogeerd, met zijn ziel onder de arm afzijdig van pleziermakers op het strand heeft gezeten, een onbegrepen gesprek van een volwassene heeft opgevangen, een broer heeft verloren, of niet, of ooit heeft gevoeld dat zijn borst te klein was voor alle gevoelens die opstegen uit alle dingen, alle mensen en alle gebeurtenissen. Hierin is Thomas op zijn best: scherpe waarneming van simpele situaties met eeuwigheidswaarde. 'Het zijn maar wat kruimels, deze kleine selectie van Thomasverhalen. Maar echte kruimels en mooie kruimels, en herleesbare en bijna slijtvaste kruimels. Met spijt over de vele kruimels die ik heb moeten laten liggen', aldus de vertaler Bert Meelker.

Nei Ye € 16,95
Nei Ye

Het korte gedicht van de Nei Ye (Innerlijke Ontwikkeling) is de eerste tekst die woorden gaf aan het ontluikende individualisme in China, zoals de Griekse filosofie dat omstreeks dezelfde tijd in Europa (350 v. Chr.) deed. De Nei Ye is ouder dan de Dao De Jing. Veel onderwerpen die hierin behandeld worden, zijn in de Nei Ye in een proto-stadium aanwezig. Het landschap dat hiermee geschetst wordt, is even wijds en intens. De nadruk ligt op de geestelijke en lichamelijke ontwikkeling van de individuele mens. In de Nei Ye komen ook voor het eerst begrippen naar boven, die zich zouden ontwikkelen tot de basisprincipes van de Chinese geneeskunst. De Nei Ye is hiermee een brontekst voor een beter begrip van het Daoïsme en de kijk op het leven van Chinezen in het algemeen. Guus Swuste is beeldend kunstenaar en restaurator van antieke houten objecten en heeft in zijn werk op een praktische manier kennis gemaakt met, naar later bleek, Daoïstische principes. De integratie van deze geestelijke waarden in het alledaagse leven kan hij dus uit eigen ervaring onderschrijven.

Rudolf Otto, biografie € 19,90
Rudolf Otto, biografie

Vijfenzeventig jaar geleden stierf Rudolf Otto na een leven dat gekenmerkt wordt door triomf en tragiek. Verslaafd aan morfine, depressief en gesloopt door malaria kwam er een tragisch einde aan het veelbewogen leven van de Pruisische politicus, theoloog, filosoof en wereldvermaarde godsdienstkenner Louis Karl Rudolf Otto.Vier jaar lang incasseert de fijngevoelige Rudolf Otto het getreiter van Rudolf Bultmann en de hypocrisie van Martin Heidegger. Met het aanzwellen van het laarzen­gestamp wordt Otto steeds melancholieker. Op een herfstdag in 1936 begint hij aan zijn laatste, eenzame tocht naar de spookachtige ruines van Burg Staufenberg.NBC/Biblion, LeidschendamRecensie'Het boek bevat een aantal documenten en artikelen over leven en werk van de briljante geleerde R. Otto (1869-1937). Hij was hoogleraar in de systematische theologie aan een aantal Duitse universiteiten, waaronder Marburg. Naast de theologie van Barth, die weinig of geen belevingsaspecten toelaat, plaatst Otto de metafysische beleving die hij volledig erkent en nauwgezet beschrijft. Zijn standaardwerk is Das Heilige (1917), dat als misschien het beste theologische boek uit de twintigste eeuw wordt beschouwd. Na dit boek heeft hij vele reizen naar Azië gemaakt om de godsdiensten daar te bestuderen. Hij hield vast aan zijn christelijk geloof, maar erkende de andere godsdiensten als gelijkwaardig. Het heilige komt volgens Otto niet uit de mens voort en veroorzaakt een numineuze ervaring, schrikwekkend zodanig dat een mens door huivering bevangen wordt, maar dit wel beleeft als een positieve ervaring. De naam ervoor is mysterium tremendum'. Otto beschrijft het als verschijnsel, waarom hij tot de fenomenologen wordt gerekend. Wie Das Heilige nooit heeft gelezen, kan door dit boek toch een goede indruk krijgen van de inhoud en de waarde ervan, alsmede van het leven van Otto zelf.' NBC/Biblion, LeidschendamUitgeverij AbraxasRecensie door Julia Boulanger'Deze biografie werpt een nieuw licht op de relatie tussen Martin Heidegger en Rudolf Otto. Ondersteund door citaten van verschillende filosofen van naam wordt voor het eerst duidelijk hoe door het dominante gedrag van Heidegger (ondersteund door Rudolf Bultmann) de mede door Otto geïnitieerde godsdienstwetenschap de nek om wordt gedraaid. Door een vergelijking van beider ethische grondhouding wordt voor het eerst duidelijk hoe het komt dat Heidegger op grond van zijn filosofische ideeën de kant van het Hitler-regime kiest en hoe rücksichtslos hij zijn ethische houding toepast op zijn filosofische en persoonlijke relaties. Los van het feit dat Heidegger door zijn optreden de oorzaak was van Otto's door teleurstelling ingegeven verzoek tot vervroegd emiraat is het belang van dit relaas vooral gelegen in de feiten van de door filosofie ingegeven levenshouding van Heidegger. Gezien de statuur van deze filosoof is het wetenschappelijk relevant dat deze 'Marburgse feiten' nu onderbouwd gepubliceerd zijn. De ethische grondhouding van Otto laat zien dat zijn houding tot volstrekt andere keuzes leidt. Dat Otto in de periode tussen 1930 en 1937 met zijn filosofie het onderspit moest delven is vanuit politiek oogpunt meteen helder. Dat zijn 'val' werd ondersteund door de regressieve filosofie en handelswijze van een van de grootste denkers ooit, heeft verregaande consequenties voor de beoordeling van Heideggers gedachtegoed.' Met bijdragen van Ger Groot en J.-J. Suurmond. Het mag dan een kleine biografie zijn, het is wel de meest complete die er momenteel mondiaal beschikbaar is. Ondanks het gegeven dat het om een Nederlandse tekst gaat (de onderhandelingen voor een Duitse en Engelse vertaling zijn nog gaande) speelt deze uitgave een rol op het internationale Rudolf Otto-congres in Marburg. (rudolf-otto.com)ReflectieRecensie door Aat-Lambèrt de KwantAat-Lambèrt de Kwant Rudolf Otto Het kwetsbare leven Biografie Abraxas 2012 Vijfenzeventig jaar geleden overleed na een dramatische val van de toren van Stauffenberg Rudolf Otto (1869-1937). Verslaafd aan morfine, zwaar depressief en gesloopt door malaria, opgelopen tijdens een van zijn vele reizen, kwam er een einde aan het bewogen leven van deze Pruisische politicus, theoloog, filosoof en wereldvermaarde godsdienstkenner Louis Karl Rudolf Otto. In deze rubriek aandacht voor deze boeiende theoloog, die wat eigen ervaring en kwetsbaarheid betreft, zijn tijd vooruit was. 'Het kwetsbare leven' bevat een aantal documenten en artikelen over leven en werk van alto, die hoogleraar was in de systematische theologie aan een aantal Duitse universiteiten, waaronder Marburg. Naast de theologie van Barth, die weinig of geen belevinqsaspecten toelaat, plaatst Otto de metafysische beleving die hij volledig erkent en nauwgezet beschrijft. Zijn standaardwerk is 'Das Heilige' (1917), dat als misschien het beste theologische boek uit de twintigste eeuw wordt beschouwd. Na de verschijning hiervan maakte hij vele reizen naar Azië om daar de godsdiensten te bestuderen. Hoewel zijn christelijke achtergrond een belangrijke rol bleef spelen, erkende hij ook de andere godsdiensten als gelijkwaardig. Zijn intense zoektocht naar criteria voor religieuze waarachtigheid, en zijn voortschrijdende inzichten over de wisselwerking tussen de rationele en niet-rationele elementen in de religie, is kenmerkend voor zijn oeuvre. Hij introduceerde begrippen die later hun weg gevonden hebben in allerlei domeinen. Naast de theologie en religiewetenschap geldt dit ondermeer voor literatuur, kunst en psychologie, zoals bijvoorbeeld bij Jung. Voor wie Otto een onbekende is, krijgt door dit boek toch een duidelijk beeld van wie Rudolf Otto was, alsook een beeld van zijn grote betekenis.

Religie als genade € 15,90
Religie als genade

Het meest opmerkelijke van dit boekje is dat het buiten elke theologie om uit een oorspronkelijke ervaring ontsproten lijkt te zijn. Het geschrift is, naast een getuigenis van een rechtstreekse ervaring, ook in een ander opzicht leerzaam: in de hier aangegeven momenten wordt een overgang naar de 'mystiek' aangetroffen. Wat is mystiek? Rudolf Otto heeft in Das Heilige proberen aan te tonen dat dit zo'n rijk geschakeerd fenomeen is, dat het vrijwel onmogelijk lijkt om er algemene kenmerken voor vast te stellen. De definitie van mystiek onttrekt zich aan begripsmatige precisie; haar wezen is alleen gevoelsmatig te begrijpen.

Liefdevol opvoeden, een kunst € 16,90
Liefdevol opvoeden, een kunst

Contact is voor kinderen net zo belangrijk als ademen, eten en slapen. Zonder aandacht voelen kinderen zich verloren en worden bang. Vooral bij kleine kinderen kan deze gemoedstoestand extreem bedreigende vormen aannemen. Veel jongeren en pubers die te weinig lichamelijk, verbaal of visueel contact hebben gaan de aandacht trekken door grenzen te overschrijden.Wie deze samenhang onderkent en herkent kan ook de onbewuste gedragsstrategieën van kinderen begrijpen. Allerlei provocerende, storende, opvallende gedragingen komen dan in een ander licht te staan. Het wordt dan mogelijk het gedrag niet alleen te begrijpen maar ook om het positief te beïnvloeden door een liefdevolle opvoedingsstijl, die de kinderen veel speelruimte biedt om de wereld te ervaren, te combineren met steun en een gevoel van veiligheid. Het is een benadering waarbij niet mag worden geaarzeld om tegelijkertijd gefundeerde en zinnige grenzen te trekken die de kinderen helpen zich veilig te oriënteren in de wereld.Het boek wil opvoedkundige moed stimuleren zodat je een vrolijke en positieve grondhouding tegenover de kinderen kunt bewaren, ook wanneer er grenzen gesteld moeten worden.Kinderen houden zich niet altijd aan de regels van volwassenen. De onderliggende bedoeling van grensoverschrijdend gedrag bij kinderen brengt ons dichterbij een nieuw begrip van conflictsituaties met kinderen. Als we bijvoorbeeld begrijpen dat uitdagend gedrag niet tot doel heeft om ons volwassenen te ergeren dan kunnen we vanuit dat begrip veel beheerster reageren.In dit boek kunnen ouders leren hoe zij een gezonde ontwikkeling van hun kinderen kunnen bevorderen. Het geeft vele concrete voorbeelden die de oorzaken van conflictsituaties zichtbaar maken en helpen om tot een oplossing te komen.Het behandelt allerlei mogelijke problemen die ouders bij de opvoeding van hun kinderen in iedere levensfase kunnen tegenkomen. Bijvoorbeeld liegen en stelen, troep maken en provoceren, drift en terugkerende problemen, maar ook over inslapen en zindelijk worden. De tekst geeft volwassenen suggesties hoe zij kinderen in zulke situaties liefdevol kunnen begeleiden.Tijdens het lezen van het boek wordt duidelijk welke opvoedingsmethodes de toets des tijds niet overleefd hebben omdat zij kinderen schade berokkenen en ouders met een schuldgevoel opzadelen. In plaats daarvan voegt de schrijfster vele nieuwe effectieve methodes toe die het makkelijker maken om verstandig en eerlijk met kinderen om te gaan.Amstelveens NieuwsbladRecensie door Wendy van den BergAMSTELVEEN - Hermann Wesselink College-docent Daniël Mok heeft voor de Nederlandse markt een bewerking gemaakt van het oorspronkelijk door de Duitse schrijfster Eva Kessler geschreven boek Liefdevol opvoeden, een kunst. Op een zinvolle manier grenzen stellen en daarbij je goede humeur bewaren. Daniël Mok heeft [samen met zijn redactie] de tekst toegespitst op de huidige Nederlandse situatie. Immers, ?De Nederlandse pedagogiek is altijd al wat losser geweest.? De kern van Liefdevol opvoeden, een kunst is volgens Mok dat opvoeders niet autoritair moeten zijn want ?dat werkt niet.? Maar: ?Een kind heeft recht op duidelijke grenzen. Duidelijkheid schept veiligheid. En wat kinderen héél goed begrijpen is humor. Het is de toon die de muziek maakt.? ?Liefdevol Opvoeden? is gebaseerd op systeempedagogische inzichten. ?Dat is een fenomenologische benaderingswijze waarin een kind, een ouder of een docent niet op zichzelf wordt gepositioneerd maar in samenhang met de familie- of schoolsituatie,? aldus Daniël Mok. ?Dat betekent dat binnen het systeempedagogische raamwerk de voorbeeldsituaties en de praktische tips herkenbaar zijn voor de Nederlandse opvoedingspraktijk. Omdat Mok praktisch werkzaam is binnen het vakgebied kon er uit eigen ervaringen worden geput. In veertig korte hoofdstukken, onderverdeeld in overzichtelijke paragrafen, worden alle aspecten die bij de opvoeding van kinderen om de hoek komen kijken besproken en vertaald naar praktische tips. Allerlei situaties waarin opvoeders met opgroeiende kinderen verzeild kunnen raken passeren de revue en worden inzichtelijk gemaakt. De toepasselijke illustraties verduidelijken hun onderlinge verhoudingen. Het boek leert opvoeders om de kinderen goed waar te nemen en hun, vaak non-verbale, signalen op te vangen zodat tijdig kan worden ingespeeld op hun specifieke en aan leeftijd gebonden behoeften. Wanneer tijdig wordt ingezien dat het kind aan nieuwe uitdagingen toe is, worden onnodige conflicten voorkomen. Mok: ?Het stellen van duidelijke grenzen biedt de kinderen een veilige en overzichtelijke omgeving. Door goed waar te nemen zien we wanneer hun grenzen verruimd kunnen worden zonder dat de wereld voor de kinderen onoverzichtelijk wordt door gebrek aan houvast. Het is de ?taak? van het kind om zijn grenzen te verleggen en het is de plicht van de opvoeders om in te grijpen wanneer het kind te grote risico?s gaat lopen. Dit is een enerverend gebeuren waarin de opvoeder zich niet te veel moet laten meeslepen, want het kind heeft recht op eenduidige en eerlijke beslissingen die helderheid verschaffen.? Hiervoor zijn wel humor en relativeringsvermogen vereist, aldus Mok. ?Daarom wordt er in dit boek veel aandacht geschonken aan het welzijn van de opvoeders. Een ongedwongen en ontspannen houding naar het kind toe maakt het allemaal zoveel gemakkelijker.? Het boek sluit aan bij de huidige opvoedingstrends zoals die onder andere worden uitgedragen in opvoedkundige tv-programma?s. Door de stevige theoretische achtergrond van het boek houden de tips echter beter stand en door de systematische opbouw en het trefwoordenregister is het gemakkelijk om snel het gezochte onderwerp te vinden. Zo kan het boek ook fungeren als eerste hulp bij opvoedkundige ongelukjes.www.jmouders.nlRecensie door Micha de Winter'Het klopt dat veel ouders moeite hebben met het stellen van grenzen en over de hele linie wat toegeeflijker zijn geworden. Maar we zijn geen volk van laissez faire opvoeders. Mensen beseffen best wel dat ze fout zitten. Ze weten vaak alleen niet goed wat de regels moeten zijn en wanneer ze zich moeten laten gelden.' Inmiddels lijken grote groepen ouders schoon genoeg te hebben van de softe pedagogische aanpak. Het moet maar eens uit zijn met dat verwennen en ouders moeten hun kinderen weer strenger opvoeden vindt 66% van de ondervraagden. `In gesprekken met ouders merk ik dat er sprake is van een kentering', zegt De Winter. `De verloedering van de maatschappij, het verval van waarden en normen zijn terugkerende thema's in deze discussies. De behoefte aan een nieuwe strengheid is daar een logische reactie op. Wij, als pedagogen, hameren er steeds op dat het stellen van grenzen niet vies of ouderwets is, maar even hard nodig is als liefde en aandacht. Sterker nog: je móet ze wel stellen. Doe je dat niet, dan komen kinderen onherroepelijk in de problemen in een maatschappij die voortdurend van mensen vraagt om met anderen om te gaan. Je komt niet zo ver als je je eigen grenzen als enige norm beschouwt. Je moet juist handig om kunnen gaan met verschillen. De jeugd groeit op in een open samenleving. Je moet leren zelf je gedrag te sturen. Dat betekent dat ouders zich bewust moeten bezighouden met wat ze eigenlijk doen. Meekijken, met ze praten, samen internet op. Rekening houden met anderen, zelfredzaamheid, eigen keuzes maken en beslissingen nemen; dat zijn de waarden en doelen die bij een moderne opvoeding passen. De ouders uit het onderzoek bepleiten een zogenaamde autoritatieve opvoedstijl. Aan de ene kant steunen en begeleiden, maar daarnaast ook regels hanteren en grenzen stellen.Hersens en geest 06/2008Recensie door Heike PfirrmannOp ontspannen wijze grenzen stellen Een praktische gids ten behoeve van ouders en andere opvoeders voor het optimaal begeleiden van baby?s tot pubers. Ons eigen lichaam begeleidt ons bij elke stap die we zetten en onbewust nemen we dat waar, als we onze benen over elkaar slaan of met onze hand ons hoofd aanraken. Dit gevoel van eigen lichamelijke en geestelijke identiteit ontwikkelt zich in de puberteit. Wij kunnen ons nauwelijks voorstellen dat kleine kinderen dat levensgevoel van er te zíjn nog niet hebben. Om dat levensgevoel te kunnen ervaren zoeken kinderen contact met volwassenen want zonder dit gevoel worden ze bang en voelen zich onveilig. Als de volwassenen deze aandacht niet aan kinderen geven, nemen ze het zekere voor het onzekere en gaan ze provoceren. Contact verzekerd en deze aandacht geeft het kind de zekerheid dat het bestaat. Dit is de basisgedachte achter het boek Liefdevol opvoeden, een kunst van opvoedingsconsulente en communicatiedeskundige Eva Kessler. Ze vraagt begrip voor de manier waarop kinderen denken, voelen en handelen en maakt duidelijk aan ouders en andere opvoeders waarom zowel grensoverschrijding als het stellen van grenzen nuttig zijn. Zij doet dit aan de hand van thema?s zoals weerstand en provocatie. Ze maakt duidelijk waarom heldere beslissingen nodig zijn. Met redenen omkleed geeft Kessler aan hoe je vanuit die beslissingen tot het stellen van gerechtvaardigde, eerlijke en werkbare grenzen komt. Dit doet zij zowel vanuit het perspectief van het kind als dat van de volwassene. De communicatie-wetenschapper weet waarover zij spreekt. Al 15 jaar adviseert zij ouders, opvoeders, leraren, artsen en psychologen. Eva Kessler benadrukt dat geen enkel kind zijn ouders opzettelijk wil ergeren. Een klein kind dat weerstand biedt bij het aankleden, het kind dat stoort in de klas, de puber die liegt ? al deze kinderen zoeken maar één ding: contact met de volwassene. In het perspectief van de kinderen reageren de volwassenen met woede of zelfs met contactbreuk: de moeder die haar kind boos de rug toekeert, de docent die de leerling de klas uitstuurt. In al deze gevallen voelt het kind zich onbegrepen. Maar in plaats van te straffen, adviseert Eva Kessler, vanuit de psychologische en pedagogische inzichten van Rudolf Dreikurs, om de ?logische gevolgen te laten werken?. Kinderen moeten leren van hun ervaringen en ouders moeten terughoudend zijn met hun goede raad. Met veel verschillende praktijkvoorbeelden put Eva Kessler uit haar ruime ervaring. Of het nu om woede-aanvallen, conflicten tussen broers en zussen gaat, of om het weigeren van eten, de puinhoop op de puberkamer, hyperactiviteit, slaapproblemen, liegen of stelen, schuldgevoelens van ouders, de relatie tussen partners of de twijfelende moeder, steeds tovert zij een goede oplossing uit de hoed. De vele makkelijk te onthouden tekeningen van poppetjes en grafieken, die situaties uitbeelden, ondersteunen de adviezen van de auteur doordat zij de typerende reacties van opvoeders én de oplossingen die de schrijfster in gedachte heeft, aanschouwelijk maken voor de lezer. In een korte maar krachtige afsluiting worden de ideeën nogmaals op basis van steekwoorden samengevat. Hierdoor kunnen ouders en opvoeders de waardevolle tips in een oogopslag voor de geest halen. Misschien was het beter geweest om de cruciale hoofdstukken over het levensgevoel en de noodzaak van contact aan het begin te plaatsen. Ondanks dit kleine bezwaar lukt het Eva Kessler om het zinloze gedrag van opvoeders op te sporen en alternatieven aan te dragen waardoor de relatie tussen kinderen en ouders duurzaam verbeteren kan. Met andere woorden, een zeer aanbevelenswaardige gids voor ouders en andere opvoeders, van baby tot puber! Nog een tip van de deskundige voor alle ouders: Een beetje humor, een snuifje beheerstheid gemengd met lankmoedigheid doen wonderen! Heike Pfirrmann is afgestudeerd bioloog en journalist. Als moeder van twee zoons van 6 en anderhalf jaar) kon zij meteen met Eva Kesslers tips aan de slag.PiCartaRecensie door Biblion/NBCDe auteur, moeder van twee volwassen kinderen, kreeg bekendheid door haar lezingen. Sinds 1993 werkt zij als pedagogisch consulente en is zij adviseur voor orthopedagogische en kinder- en jeugdpsychiatrische instellingen. Zij geeft veel voorbeelden van opvoedingssituaties en bespreekt ze uitgebreid, bijvoorbeeld veiligheid, het verleggen van grenzen, liegen, machtspelletjes enzovoort. Op een positieve toon neemt de auteur ons mee langs allerlei obstakels die ouders kunnen tegenkomen bij de opvoeding en hoe zij daarmee omgaan. Daar hoort ook bij de grenzen verleggen en proberen je goede humeur te bewaren. De schrijfster bespreekt de opvoeding tot aan de adolescentie (ca. 16-20 jaar). Uitgangspunten daarbij zijn steeds het stimuleren van zelfvertrouwen en het mogen ontladen van emoties. Men gaat uit van de ontwikkelingsfase waarin het kind zich bevindt. Wat ook belangrijk is, is dat ouders het kunnen opbrengen om liefde en aandacht aan de kinderen te geven die zij onder hun hoede hebben. Het boek is bedoeld voor ouders en leidinggevenden binnen organisaties voor kinderopvang. Achterin een literatuurlijst.Amstelveens NieuwsbladRecensie door Wendy vd BergAMSTELVEEN - Hermann Wesselink College-docent Daniël Mok heeft voor de Nederlandse markt een bewerking gemaakt van het oorspronkelijk door de Duitse schrijfster Eva Kessler geschreven boek Liefdevol opvoeden, een kunst. Op een zinvolle manier grenzen stellen en daarbij je goede humeur bewaren. Daniël Mok heeft [samen met zijn redactie] de tekst toegespitst op de huidige Nederlandse situatie. Immers, ?De Nederlandse pedagogiek is altijd al wat losser geweest.? De kern van Liefdevol opvoeden, een kunst is volgens Mok dat opvoeders niet autoritair moeten zijn want ?dat werkt niet.? Maar: ?Een kind heeft recht op duidelijke grenzen. Duidelijkheid schept veiligheid. En wat kinderen héél goed begrijpen is humor. Het is de toon die de muziek maakt.? ?Liefdevol Opvoeden? is gebaseerd op systeempedagogische inzichten. ?Dat is een fenomenologische benaderingswijze waarin een kind, een ouder of een docent niet op zichzelf wordt gepositioneerd maar in samenhang met de familie- of schoolsituatie,? aldus Daniël Mok. ?Dat betekent dat binnen het systeempedagogische raamwerk de voorbeeldsituaties en de praktische tips herkenbaar zijn voor de Nederlandse opvoedingspraktijk. Omdat Mok praktisch werkzaam is binnen het vakgebied kon er uit eigen ervaringen worden geput. In veertig korte hoofdstukken, onderverdeeld in overzichtelijke paragrafen, worden alle aspecten die bij de opvoeding van kinderen om de hoek komen kijken besproken en vertaald naar praktische tips. Allerlei situaties waarin opvoeders met opgroeiende kinderen verzeild kunnen raken passeren de revue en worden inzichtelijk gemaakt. De toepasselijke illustraties verduidelijken hun onderlinge verhoudingen. Het boek leert opvoeders om de kinderen goed waar te nemen en hun, vaak non-verbale, signalen op te vangen zodat tijdig kan worden ingespeeld op hun specifieke en aan leeftijd gebonden behoeften. Wanneer tijdig wordt ingezien dat het kind aan nieuwe uitdagingen toe is, worden onnodige conflicten voorkomen. Mok: ?Het stellen van duidelijke grenzen biedt de kinderen een veilige en overzichtelijke omgeving. Door goed waar te nemen zien we wanneer hun grenzen verruimd kunnen worden zonder dat de wereld voor de kinderen onoverzichtelijk wordt door gebrek aan houvast. Het is de ?taak? van het kind om zijn grenzen te verleggen en het is de plicht van de opvoeders om in te grijpen wanneer het kind te grote risico?s gaat lopen. Dit is een enerverend gebeuren waarin de opvoeder zich niet te veel moet laten meeslepen, want het kind heeft recht op eenduidige en eerlijke beslissingen die helderheid verschaffen.? Hiervoor zijn wel humor en relativeringsvermogen vereist, aldus Mok. ?Daarom wordt er in dit boek veel aandacht geschonken aan het welzijn van de opvoeders. Een ongedwongen en ontspannen houding naar het kind toe maakt het allemaal zoveel gemakkelijker.? Het boek sluit aan bij de huidige opvoedingstrends zoals die onder andere worden uitgedragen in opvoedkundige tv-programma?s. Door de stevige theoretische achtergrond van het boek houden de tips echter beter stand en door de systematische opbouw en het trefwoordenregister is het gemakkelijk om snel het gezochte onderwerp te vinden. Zo kan het boek ook fungeren als eerste hulp bij opvoedkundige ongelukjes.

Kapampa € 9,50
Kapampa

De binnenkant zit aan de buitenkant, luidt de montere lijfspreuk van headhunter Sjoerd Blok, hoofdpersoon van "Kapampa". Uren kan hij doorbrengen voor de spiegel van zijn design-badkamer om de plooien in zijn voorkomen glad te strijken. Ondanks zijn fraaie negentiende eeuwse kantoorvilla, zwarte bolide en Italiaanse maatpakken, schuift de gescheiden vijftiger niet echt zorgeloos door het leven. Door een opgedroogde opdrachtenportefeuille bezwijkt hij bijna onder de lasten van zijn hoge levensstandaard. Dan dient zich een droomopdracht aan die zijn financiële problemen in één klap kan oplossen. Ewout van Lier, de machtige president-commissaris van een bedrijf aan de Amsterdamse Zuidas, kiest hem uit voor een wel heel speciale transactie."Deze opdracht was nog maar het begin. Hij stond aan de vooravond van een opdrachtenserie die hem binnen een jaar miljonair zou maken en binnen vijf jaar multimiljonair. Als zijn naam al te bekend zou worden vanwege de bijzondere aard van de bemiddeling, had hij zijn schaapjes al op het droge."In "Kapampa, lotgevallen van een headhunter" brengt Bas Kok het grote verhaal van de mondiale economische crisis, en het daaraan ten grondslag liggende morele verval, op humoristische wijze terug tot de kleinzielige hoofdbrekens van een neurotische headhunter

De onsterfelijkheid van het bewustzijn € 16,90
De onsterfelijkheid van het bewustzijn

Volgens William James heeft onze hedendaagse cultuur een probleem met denken over leven na de dood. Allerlei populair-wetenschappelijke werkjes beweren keer op keer dat ons spirituele leven volstrekt afhankelijk is van de werking van de hersenen. Hoe is het dan mogelijk dat die functie blijft bestaan, nadat dit orgaan niet meer bestaat? Hij poneert dan de volgende stelling: Het denken is een functie van de hersenen. De vraag is dan, dwingt deze theorie ons werkelijk het geloof in onsterfelijkheid op te geven? Moet ze echt het logische denken volgen en de hoop op een hiernamaals opgeven voor de plicht om alle consequenties van een wetenschappelijke waarheid te aanvaarden? 'Ja', zullen de meeste mensen zeggen. 'Nee', zegt William James, 'stoom is toch ook niet het ultieme doel van de fluitketel?' Met grandeur, humor en milde ironie presenteert de filosoof William James twee bezwaren tegen de stelling dat 'hersenen slechts een productieve functie hebben'. Het is fascinerend hoe James' ideeën aansluiten bij een aantal hedendaagse gedachten over het 'hiernamaals'. Het is deze actualiteit die dit scherpzinnige betoog de lof toekent van een kleine klassieker.Weblog over geloof en wetenschapRecensie door Dr. Taede A. SmedesOnlangs las ik een beroemd essay van William James (1842-1910): "Human Immortality: Two Supposed Objections to the Doctrine". Een werkelijk prachtig stukje werk, waarin hij een zeer originele bijdrage levert aan het hele debat over de mogelijkheid of onmogelijkheid van een onsterfelijke ziel. Het essay is feitelijk een lezing die James hield. De lezing begint dan ook met wat informeel blabla, maar dan komt James los. Hij stelt dat onze moderne cultuur een probleem heeft met het denken over a life hereafter. Het probleem is dat door fysiologen en in veel populaire wetenschappelijke werken en tijdschriften voortdurend wordt gesteld dat ons spirituele leven volstrekt afhankelijk is van hersenprocessen. Hoe kunnen we nog in een leven na de dood geloven als we naar menselijke gedragingen kijken, dan zien we dat menselijk bewustzijn sterk verbonden lijkt met hersenfenomenen. We weten dat bepaalde gebieden in de hersenen betrokken zijn bij zien, horen, spreken, etc. Dit leidt tot de centrale formule die James opstelt: Thought is a function of the brain. En hij vraagt het publiek (en daarmee de lezer) om deze formule uiterst serieus te nemen. De vraag die vervolgens echter rijst is, of deze formule logically compelling is om het geloof in onsterfelijkheid overboord te gooien. De meeste mensen, zo zegt James (en we kunnen het hem nog steeds nazeggen), zouden hier volmondig 'ja' op antwoorden. Ja, we moeten geloof in onsterfelijkheid overboord gooien als onze geestelijke vermogens te herleiden zouden zijn tot louter hersenprocessen. James echter meent dat het fout is en dat de formule in strict logic no deterrent power heeft. Het eerste punt is dat we veelal geneigd zijn om de relatie tussen onze geestelijke vermogens en het brein strikt te bekijken vanuit het perspectief van slechts één functionele afhankelijkheid, namelijk die van productie: dat denken een functie van het brein is, wordt equivalent gedacht aan uitspraken als "stoom is de functie van een waterkoker" of "licht is een functie van het electrische circuit" of "electriciteit is een functie van de waterval". De functie is in al deze voorbeelden productief: het een brengt het ander voort. En ja, als het orgaan wat de functie produceert ermee ophoudt, zodat de productie niet langer kan doorgaan, then the soul must surely die. Such a conclusion as this is indeed inevitable from that particular conception of the facts. James' these nu is dat when we think of the law that thought is a function of the brain, we are not required to think of productive function only; we are entitled also to consider permissive or transmissive function. Maar op wat voor manier moeten we ons die doorgevende functie van het brein voorstellen? Stel, zegt James, dat er onder de zichtbare werkelijkheid nog een onzichtbare werkelijkheid is, en dat onze zichtbare werkelijkheid slechts een vernislaagje is dat die andere wereld verbergt en terughoudt. En stel verder dat af en toe dat vernislaagje wat dunner wordt en iets van de stralen van die andere werkelijkheid doorlaat. These beams would be so many finite rays, so to speak, of consciousness, and they would vary in quantity and quality as the opacity varied in degree. Onze hersenen functioneren dus als een soort tv-toestel of radio dat signalen opvangt, filtert en omzet, en vervolgens in andere vorm (nl. beeld en/of geluid) doorgeeft. Ons bewustzijn is datgene wat wordt doorgegeven. Je ziet dus, zegt James, dat het materialisme een heel eenzijdige benadering van het woord "functie" heeft. En het zou wel van een zekere irrationaliteit getuigen als we een alternatief voor de materialistische visie moedwillig zouden negeren. Maar is deze visie dan niet strijdig met de wetenschap? Nee, zegt James, want als je goed kijkt naar de wetenschappelijke data, dan zie je dat die slechts kan aantonen dat bewustzijn vergezeld gaat van hersenactiviteiten en vice versa. Er is dus sprake van bare concomitant variation. Als de hersenactiviteit verandert, verandert de bewustzijnstoestand - maar opnieuw, impliceert dit logisch noodzakelijk dat de bewustzijnstoestand voortkomt uit, geproduceerd wordt door de hersenactiviteit? Nee dus. We zien slechts beide samen voorkomen, maar dat impliceert niet met logische noodzakelijkheid dat het een uit het ander voortkomt. Hier zien we dus dat James Hume's ideeën over causaliteit goed bestudeerd heeft. Bovendien, zegt James, kun je altijd een hersenwetenschapper de vraag stellen hoe die productie van bewustzijn door hersenactiviteit in zijn werk gaat. Je zult zien dat een hersenwetenschapper dan met de mond vol tanden staat. Maar hoe zit het nu met onsterfelijkheid? De transmissie-idee veronderstelt dat er altijd een "bewustzijnswerkelijkheid" is die achter of onder onze waarneembare werkelijkheid schuilgaat, en dat menselijke hersenen die werkelijkheid filteren en doorlaten, zodat iets ervan in onze werkelijkheid zichtbaar is namelijk als bewustzijn en levenskracht. Als onze hersenen echter defect raken of zelfs sterven, dan zal die bewustzijnswerkelijkheid zelf natuurlijk niet verdwijnen. De signalen zullen dan vervormd worden en wellicht zal ons bewustzijn verdwijnen (in de zin van niet meer zichtbaar zijn voor anderen). Maar de bewustzijnswerkelijkheid zelf blijft. Maar moeten we ervan uitgaan dat er slechts één bewustzijn is? Zou het niet zo kunnen zijn dat er verschillende "bewustzijnen" zijn, misschien net zoveel als er levende dingen zijn? Hier lijkt James een link te leggen met Aristoteles' idee van de ziel als de vorm van levende wezens. Want inderdaad, zegt James, hoewel wij altijd naar eenvoud streven, is het niet uit te sluiten dat er net zoveel bewustzijnen zijn als dat er levende wezens zijn. En dat, bovendien, al die bewustzijnen overleven na de dood. En dat geldt niet alleen voor mensen en dieren, maar - conform Aristoteles - voor alle levende dingen. Wie weet bestaat het bewustzijn van elk levend wezen wat ooit geleefd heeft nog steeds, hoewel we het niet kunnen waarnemen. Ergo, concludeert James, For my own part, then, so far as logic goes, I am willing that every leaf that ever grew in this world's forests and rustled in the breeze should become immortal. It is purely a question of fact: are the leaves so, or not? Abstract quantity, and the abstract needlessness in our eyes of so much reduplication of things so much alike, have no connection with the subject. For bigness and number and generic similarity are only manners of our finite way of thinking; and, considered in itself and apart from our imagination, one scale of dimensions and of numbers for the Universe is no more miraculous or inconceivable than another, the moment you grant to a universe the liberty to be at all, in place of the Non-entity that might conceivably have reigned. Het denken over de relatie tussen hersenen en de ziel in termen van transmissie, is een mogelijkheid die we niet kunnen uitsluiten, zegt James. Dat wel doen would be letting blindness lay down the law to sight. Ik heb hier slechts een fractie van de boeiende gedachtestrengen van James weergegeven - het loont werkelijk het hele essay zelf te lezen. Het interessante en actuele aan dit essay van James is bovendien, dat het zeer dicht in de buurt komt bij (door wetenschappers omstreden) ideeën die door bijvoorbeeld Pim van Lommel en Dick Mesland worden besproken.

Hoe, vader word je weer een vlinder? € 24,90
Hoe, vader word je weer een vlinder?

Hoe, vader word je weer een vlinder? gedichten van Mark Mastenbroek waarvan sommige bij schilderijen van Mary Noothoven van Goor

Gedichten € 16,50
Gedichten

"Als er ooit een in beelden sprekende dichter is geweest, dan was het Dylan Thomas wel," schreef de Engelse criticus David Lodge. De gedichten van Dylan Thomas (1914-1953) spreken inderdaad sterk tot de verbeelding van de aandachtige lezer. Thomas schreef geen gemakkelijke gedichten, eerder 'cryptisch', vooral door het soort beeldspraak dat hij toepast. Dylan Thomas besefte dat, en ried de lezer aan bij de letterlijke betekenis te blijven en dan de associaties die zich opdringen hun werk te laten doen. De Nederlandse vertaling houdt zich aan de typerende zinsconstructies en de diverse dichtvormen, tot aan het, gemakkelijk aan de aandacht ontsnappende, halfrijm toe. De vertaler heeft niet geprobeerd de beeldspraak nader te duiden dan in het origineel. Zo is dit een bundel om urenlang in te lezen en steeds weer van de oorspronkelijke tekst naar de vertaling te gaan in een poging de gedichten te doorgronden en zo zelf te ontdekken welke associaties de woorden en de klanken te weeg brengen. Deze chronologisch geordende keuze van veertig gedichten bevat ongeveer een kwart van de door Thomas gepubliceerde poëzie en volgt zo de boeiende ontwikkelingen in zijn thematiek en techniek.

De rijkste man van Babylon € 24,90
De rijkste man van Babylon

De invloed van Mesopotamië kan niet worden overschat. Grandeur en handelsgeest brachten het land tot duurzame welvaart waar iedereen door hard werken tot zijn recht kon komen.George Clason beschrijft de werkwijze die het oude Perzië zo'n langdurige periode van vrede en grote rijkdom heeft geschonken. Als een soort wet van de zwaartekracht gebruikten de Babyloniërs economische regels die waren gebaseerd op eerlijkheid, handigheid, werklust en afspraak is afspraak.In tien levendige verhalen wordt je meegenomen in de dynamische wereld van het Babylonisch-Assyrische Rijk en spelenderwijs leer je de zeven gouden regels voor welvaart en welzijn.Dit boek kent ontelbaar veel lezers en iedereen is er beter van geworden. Rijkdom, succes en wijsheid gaan hand in hand.PiCartaRecensie door Biblion|NBCDe auteur, George Clason (1874-1957), was van oudsher gefascineerd door het machtige en welvarende rijk van Babylon. In 1926 werd een boek uitgebracht waarin zijn verhalen over dat rijk waren gebundeld. De verhalen gingen over alledaagse burgers van Babylon die vertelden over hun manier van financieel management. Het boek zit vol met metaforen en laat de lezer kennismaken met universele en tijdloze mechanismen om geld te beheren en veilig voor je te laten werken. Maak onder meer kennis met Bansir, de wagenbouwer, die advies vraagt aan een rijke medeburger over hoe rijkdom te vergaren. Of Arkad, de welgestelde man die door zijn wijsheid omtrent geldbeheer een vermogen had opgebouwd en een respectabel burger was geworden. Aan de hand van de zeven geldwijsheden, welke tot op de dag van vandaag hun waarde tonen, wordt aangetoond dat iedereen welvarender kan worden. Verzeker je van toekomstige inkomsten, bescherm je vermogen, en beheers je uitgaven, zijn enkele van de regels die je dient toe te passen. Dit boek geeft inspiratie aan jong en oud.